Amoergrondels bereiken een maximum lengte van 15 tot 25 centimeter en wegen maximum 200 gram. De vissen hebben een vrij grote kop en een stevige lichaamsbouw. De mannetjes worden iets groter dan de vrouwtjes. Amoergrondels worden gekenmerkt door acht harde rugvinstekels en negen tot elf zachte rugvinstralen. Het aantal anaalvinstekels bedraagt één tot drie, het aantal anaalvinstralen zeven tot tien. De soort heeft geen laterale lijnen. De mannetjes vormen tijdens de paaitijd een bult en worden zwart gekleurd met helder groene vlekken op het lijf en de ongepaarde vinnen. Amoergrondels zijn lichtbruin gekleurd met donkere vlekken.
Amoergrondel
Percottus glenii
Unielijst
Vis
Amoergrondel
Amoergrondels bereiken een maximum lengte van 15 tot 25 centimeter en wegen maximum 200 gram. De vissen hebben een vrij grote kop en een stevige lichaamsbouw.
De soort is in staat zich snel te verspreiden en kan zeer hoge dichtheden bereiken waardoor er competitie optreedt met inheemse vissoorten. Waterlichamen waar amoergrondel aanwezig is, vertonen een verlaagde soortendiversiteit, niet enkel door competitie maar ook door predatie. Amoergrondel predeert selectief op amfibieënlarven, voornamelijk salamanders en kikkers. Bovendien is amoergrondel in staat om de lokale parasitaire systemen aan te passen en zo een sterk negatieve impact te hebben op andere soorten.